|
Mariëndaal, Vogelschieten De landgoederen MariĆ«ndaal en de Brink (Historische schetsen) |
Vogelschieten door de schutterij "Klingelbeek" om de koningseer
One zeventien meter hooge palen op de zonnige groote weide van het Openluchtmuseum en daaronder verzameld de leden van de aloude schutterij van de Klingelbeek, een van de oudste vereenigingen in onze stad. Bestaat ze niet sinds 1537?Voordat gistermiddag 't jaarlijksche schietfestijn begon, was de stoere houten vogel, die daar hoog, maar niet "droog" op den mast oncl te troonen, al van alle kanten gemonsterd. Zijn meer aristocratische collega, de koningsvogel, lag nog veilig en wel op een tafeltje op den beganen grond. De vrouwen en de schutters hadden hem dezer dagen ten huize van mevrouw Jolles-Weghuis rijkelijk versierd, zoodat de lijnen van zijn romp vrij geheel verloren gingen door den tooi van papieren slingers en bloemtakken. Prijsschieten Het was ongeveer kwart over drie, toen de blauw-wit gesjerpte schutters aanstalten gingen maken voor het prijsschieten. Op dat ogenblik spande zich ook de aandacht van de vrouwen, kinderen en vrienden, die mee warekomen om den vader-favoriet aan te moedigen bij zijn schietprestaties.Onder degen bevond zich ook de schutterskoning, de heer E.C. Hermsen uit Westervoort, die, begeleid door de koningin, mej. I. Knoppien, al een feesteljjk ritje op een soort sjees achter de rug had. Een zegetocht, die alleen Z. M. te beurt viel. Maar er was meer waardoor zijn bijzondere positie werd geaccentueerd. Als een blinkend ornament droeg hij de lange keten met zilveren plakkaten, vaak voorzien van enige inscripties.
Dit was het fiere bewijs van alle onderscheidingen, welke de schutterij in Klingelbeek in den loop der eeuwen in de wacht had weten te sleepen. Daarbij droeg de koningin nog den zilveren vogel "een mooi stuk smeedwerk", den bij zonderen prijs, dien de Arnhemsche schutterij het vorige jaar tijdens de Geldersche schuttersfeesten had weten te winnen. Daar er buiten de betrokkenen zelf en hun familie en kennissen niet veel belangstelling was, werd er om te beginnen prijsgeschoten door de leden onderling. Het eerste schot was al dadelijk raak. Daar duikelde zoowaar meteen de kop al naar beneden. Daarna moest er heel wat gevuurd worden, voordat de vogel radicaal was afgetakeld. Het laatste fragment was zoo zoetjes aan een beetje naar beneden gezakt, zoodat het lang niet gemakkelijk moet zijn geweest om den uiteindelijken "doodsteek" toe te brengen. Maar toen het dan ook zoover was, heeft de kleine Jackie de trommel extra lang beroffeld. De heer F. Bruens uit Westervoort was er in geslaagd om zoowel den kop, den romp als den linkervleugel te treffen. De heer W. Peters uit Arnhem nam den staart en den rechtervleugel voor zijn rekening. De burgemeester gaat den koningsvogel vrijen
Intusschen was burgemeester H. P. J. Bloerners op het terrein gearriveerd. Trouwens ook de kolonel B. D. W. van Ingen Schouten had van zijn belangstelling doen blijken. De heer Bloemers had zich bereid verklaard om het eerste schot te lossen om daarmede den koningsvogel -die thans het doelwit zou worden- voor de schutters te vrijen. Van te voren sprak echter nog de heer J. A Jolles, degene, die eertijds zich zoozeer voor het Arnhemsche Schuttersgilde heeft geïnteresseerd en er meerdere kenbaarheid aan heeft gegeven. Spr. sprak er zijn groote vreugde over uit, dat burgemeester Bloemers den schutters dezen middag de eer wilde aandoen om voor hen den koningsvogel te vrijen en wees er vervolgens op, dat de schutterij Klingelbeek steeds een bescheiden plaats heeft ingenomen in het stadsleven. Van haar zal niet -zooals dat het geval was bij een gilde in de buurt van Sittard- gezegd worden, dat het aan haar weerbaarheid te danken is geweest, dat de stad eertijds bewaard bleef voor een vreemden inval; hiernaar heeft zij trouwens ook niet gestreefd. Haar leden voorzien de stad van melk en groenten en daarnaast beoefenen zij de schutterij. Evenals alle zusterverenigingen is zij er aan gewend de koningskronen te zien rollen. In haar kringen wordt echter steeds aan de koningen weer eerlek de kans gegeven om deze kroon weer te heroveren. Na nog het bestuur van het Openluchttheater dank te hebben gebracht voor de beschikbaarstelling van het terrein, gewaagde vervolgens burgemeester Bloemers van de belangstelling, welke het gemeentebestuur bezit voor feesten als deze. Spr. eerde de schutterij Klingelbeek speciaal als zijnde draagster van een eeuwenoude traditie en wenschte haar een bestaan toe tot in lengte van dagen. ![]() Een nieuwe schutterskoning.
Kort daarop weerklonk het burgemeesterlijke schot, ter inleiding van een reeks salvo's, waarbij de schutters keurig op dreef bleken te zijn. De koningsvogel heeft niet lang kunnen pronken daar hoog in de lucht. Binnen het half uur was het beestje al leelijk gehavend Tenslotte ging het dan weer om het laatste stuk. Wie dat naar beneden zou weten te schieten, zou even later gevierd worden als nieuwen koning. Het was de heer A. v. d. Lee, die de gelukkige werd. Zijn schot deed de noodige hoera's opgaan en even later zagen we den schuttersvorst op de schouders van zijn kameraden geheven, voor een eererondje over het veld. Er kwamen nog bloemen aan te pas, de zilveren keten werd hem omgehangen, handen werden gedrukt..... kortom er was vreugde in de gelederen.
Loopend gekomen, maar met zijn koningin in een wagen thuisgebracht; dat spreekt boekdeelen in een schuttersfamilie. "Vogelschieten door de schutterij „Klingelbeek" OM DE KONINGSEER". Arnhemsche courant. Regionaal/lokaal, 17-07-1939. [Bron illustratie: Arnhemsche Courant] |